Een brief uit Rotterdam [423]

Brief van Th.A. Melchior

‘Lief van U -de Zutphense familie!- om mij nog een
pakje te sturen doch helaas hebben we het nooit
ontvangen. Het is heel jammer, we hadden ons er erg op verheugd. Wijzelf eten ook al lang van de Centrale Keuken omdat we al lange tijd geen kolen meer hebben en de voorraad is ook op. En iets bijkopen gaat ook niet meer.

De prijzen zijn niet te betalen; 35 gulden voor een
brood, 40 gulden voor een kilo erwten enzovoort,
we moeten het dus maar doen met één brood per
week en de gaarkeuken. We krijgen ééns in de twee of drie weken gestampt eten en de andere dagen soep. 

Ik kan ook niet zeggen, dat ik mij zo best voel, maar
we blijven nog maar steeds hopen, dat het einde niet ver meer is.

Het is in Rotterdam treurig gesteld: geen tram, geen
bus rijdt er meer. Het vuil komen ze niet meer ophalen, de mensen gooien het zomaar op straat. Sedert maanden hebben we al geen gas en licht meer.

De V1 gaat nu langs Rotterdam en soms dreunen
bij ons de ruiten erdoor. We hebben van het Zweedse Rode Kruis een wit brood en een half pakje boter gekregen. Heerlijk!’